U bent hier

Winterrust: tijd om te snoeien!

De winterperiode is een goede periode om te snoeien. Er zit geen blad aan de struiken en bomen en planten zijn in rust. Een mini snoeicursus door Frans Looijestijn

Waarom snoeien?

De winterperiode, wanneer er geen blad aan de struiken en bomen zit, en de planten in rust zijn is een goede periode om te snoeien. Waarom snoeien we eigenlijk? Kunnen we niet gewoon de natuur zijn werk laten doen?

Vorm en onderhoud

Snoeien doe je voornamelijk voor vorm of onderhoud. Bij vormsnoei kun je denken aan het snoeien van een haag of leibomen. Onderhoudssnoei is nodig voor bloei, verjonging of een goede groeiontwikkeling. Bij heel veel planten, heesters en bomen volstaat het dus om deze te begeleiden in hun groei. Meer niet. Net zoiets als opvoeden…

Let altijd op de natuurlijke groeiwijze

Let altijd op de natuurlijke groeiwijze. Een paar voorbeelden: krijgt een boom (die een rechte stam hoort te hebben) gedurende zijn groei twee toppen? Dan is het vaak verstandig er één weg te halen omdat anders later de kans bestaat dat de V-vormige top bij een storm uitscheurt. Bloeit een heester op hetzelfde hout dat in dat jaar is gegroeid? Haal dan de oudste takken regelmatig helemaal vanaf onderaan weg. De plant verjongt zich op deze manier en je hebt meer bloemen!

Snoei van vrucht en fruit

Een bijzonder aspect van het snoeien en het waarom daarvan vinden we bij klein fruit (onder andere bessen, frambozen, bramen, druiven) en fruitbomen (onder andere appel-, peren-, pruimen- en kersenbomen). Daar kunnen we de natuur niet zo maar zijn gang laten gaan. Heel veel vruchtbomen zijn namelijk door de mens bedacht en gemaakt. 

Wilde appel

We hadden bijvoorbeeld een wilde appel. Van nature hebben die kleine vruchten. We kennen ze ook nu nog als sierappel. Maar we wilden grotere vruchten, meer soorten, meer smaken enzovoort. Dus gingen we experimenteren met verschillende grondsoorten, andere wortels, nieuwe rassen. We gingen enten. 

Enten

Technische trucjes uithalen zodat je verschillende rassen aan elkaar kunt ‘lijmen’ tot één nieuwe boom. Dat is enten. Wortels van plant A verbind je aan een tussenstam van plant B en daar bovenop laat je plant C groeien. Het is allemaal mogelijk. Telers doen dat omdat sommige wortels op kleigrond een betere vruchtboom geven dan op zandgrond of omgekeerd. Of dat een tussenstam van plant B een betere groeiontwikkeling bij dat ras geeft in combinatie met alles van plant C wat er allemaal bovenop groeit. Begrijpelijk dat je bij dit soort gevallen de natuur een handje moet helpen. Immers alles wat uit de grond zou groeien wil je niet hebben want dat is vaak alleen de wilde onderstam met de kleine appels. En alles wat aan de tussenstam groeit daar gaat het ook niet om. Daarboven in de kroon daar willen we de appels! 

Goed gereedschap om te snoeien

Voor het snoeien kun je volstaan met drie stukken gereedschap. De snoeizaag (tegenwoordig met een dubbele vertanding geslepen door een computer en heel compact, scherp en gemakkelijk te gebruiken), de takkenschaar en de snoeischaar.
Het fijnere en belangrijkste werk doe je met de snoeischaar. Worden de takken daarvoor te dik dan gebruik je de takkenschaar. Nog dikker? Gebruik de snoeizaag. Dikke takken niet in éen keer bij een stam afzagen. Dan kan de bast inscheuren. Zaag eerst een stuk van de stam af. Dan ben je het gewicht kwijt. En in tweede fase dicht bij de stam. 

Tip: koop goed gereedschap! Werkt veel beter en hoef je maar één keer te kopen (dat is ook duurzaam).

Hoe snoei je goed?

Op kale takken kunnen we heel goed zien waar de knoppen zitten. Uit de knoppen gaat de plant in het voorjaar weer groeien met blad en/of bloem. Bij snoeien moet je altijd net boven de knop knippen. Doe je dat niet, dan krijg je allemaal dode stompjes hout vanaf de knop (die gaat uitlopen) tot de plek waar je gesnoeid hebt. 

Snoeien van bessen en frambozen

Bij bessen en frambozen haal je in elk jaar de oudste takken in zijn geheel weg. Je houdt daarmee de struik jong, open en door het snoeien herstelt de plant het evenwicht en groeit hij door. Door die nieuwe takken heb je met regelmaat voldoende vruchtzetting. 

Druiven snoeien

Bij druiven heten de knoppen ook wel ogen. Daar snoei je ieder jaar de takken die vrucht hebben gedragen terug tot op twee gezonde ogen. Verder is het ook daar een kwestie van begeleiden waar je de plant heen wilt laten groeien. Het is altijd zo dat de knoppen zich hebben verdeeld over de takken. Dus heb je knoppen die naar boven of onderen of naar links of rechts kunnen uitgroeien. Handig om te onthouden want daardoor kun je de richting bepalen waarheen je de plant wilt laten groeien!

Appelboom snoeien

Fruitbomen snoeien is best wel een dingetje. Er zijn wel fruitkwekers die aan het eind van hun carrière aangeven: “ik geloof dat ik inmiddels een beetje begrijp hoe het moet”.
Laat je dat niet weerhouden: al doende leert men! 

Pitvruchten en steenvruchten snoeien

Allereerst even een indeling. Er zijn pitvruchten en steenvruchten. De pitvruchten zijn appels en peren. De steenvruchten pruimen, kersen, perziken en abrikozen. Deze laatste moet je niet te veel aan snoeien en uitsluitend na de bloei: dat wil zeggen in april/mei of na de pluk augustus/september. Snoei je op een ander tijdstip dan kunnen de bomen ziek worden. Vooral loodglansschimmel steekt dan de kop op. De pitvruchten snoei je tussen begin januari en eind maart. 

Houd evenwicht tussen horizontale en verticale takken 

Ook het woord evenwicht is belangrijk bij het snoeien van fruitbomen. Je wilt namelijk twee dingen: groei en vruchten. Goed onthouden: de steile takken geven groei -sapstroom stroomt daar het snelst als bij een rechte rivier- en de horizontale takken - zijarmen van de rivier- geven de vruchten. Tussen die twee moet je een evenwicht zien te houden. Op de horizontale takken groeien kleine takjes die ook wel ‘kortlot’ genoemd worden. Ze ‘staan’ op de tak en het zijn de bloemknoppen waar de vruchten aan komen. De knoppen die ‘tegen een tak aanliggen’ zijn bladknoppen. Van daar uit groeit de plant verder.

Snoei niet meer dan 15% uit een fruitboom

Snoei geeft als reactie groei. Dat wil je ook bij fruit maar wel beheerst. Snoei niet meer dan 15% uit een fruitboom. Als je dat wel doet krijg je een te grote snoeireactie met veel groei. Die groei is vaak rechtopstaand omhoog (de snelle rivier) en wordt ook wel ‘waterlot’ genoemd. Dat wil je niet want die takken geven alleen maar groei. En als je die allemaal weer afknipt in de zomer omdat je ziet dat dit geen goed evenwicht geeft, dan reageert de boom met weer nieuw ‘waterlot’. Dan krijg je een verkeerde cyclus. Dus begeleid, matig je snoei en kijk wat er gebeurt. 

Ontwikkeling beïnvloeden

Heb je te weinig horizontale takken voor vruchten dan kun je ook takken naar beneden buigen/binden en zo de ontwikkeling beïnvloeden. Hou de boom open zodat zonlicht de vruchtgroei en rijping kan bevorderen. Kijk naar de vorm en laat geen ‘kapstokjes’ achter bij het snoeien. Hoe begin je altijd bij het snoeien? Knip eerst het dode hout er uit. Daarna pas het evenwicht zoeken tussen bloeitakken en groeitakken. Het mooie is ook dat je moet snoeien als het droog is en niet vriest. Dus bij regen en vorst lekker met een boek bij de kachel!