U bent hier

Mini-moestuin

Een mini-moestuin is de meest gemakkelijke manier om te beginnen met moestuinieren. Een mini-moestuin is er in allerlei vormen en maten. Denk aan potten, pallets, moestuinbakken, maar de meest bekende vorm is toch wel de vierkante meter moestuin.

Planning

Plan je m2 tuin, door van te voren bedenken wat je wilt verbouwen en voor hoeveel personen.

  • Wil je elke dag verse sla of maar één keer per week?
  • Wil je exclusieve groenten kweken? Of alle groenten die je zelf normaal kookt.
  • Wil je eetbare bloemen en kruiden verbouwen?
  • Voor hoeveel mensen wil je groenten kweken?

Kortom; hoeveel bakken heb je eigenlijk nodig om te telen wat je wilt?

Beginnen op kleine schaal

Begin het eerste jaar met 1 of 2 bakken. Begin klein, dan weet je of dit een leuke, nieuwe hobby is. Heb je 1 bak en is het toch niks voor je, dan is deze bak zo weer verwijderd of kan het gebruikt worden voor wat anders. Uiteraard gaan wij daar niet van uit, want moestuinieren is het leukste wat er is!
Natuurlijk neem je het tweede jaar meerdere bakken of neem je een ‘echte vollegronds moestuin’.
 

Plek kiezen

Er zijn diverse dingen waar je rekening mee moet houden: het aantal uren zon per dag, schaduw, niet te nat, etc. Ook is het belangrijk, dat de mini moestuin niet te ver van huis ligt, zodat je snel groenten kan pakken. Gelukkig heb jij voor die mini moestuin niet zo veel ruimte nodig, dus zo kun je hem al snel in de buurt van de keuken plaatsen. Natuurlijk kun je ook op verschillende plaatsen in je tuin een mini-moestuin maken. Wij geven een aantal voorbeelden, bijvoorbeeld:

  • Een bak voor al je soepgroenten.
  • Een bak met kruiden voor het koken, maar ook kruiden voor in de thee.
  • Een bak tegen de muur voor fruit om lekker van te snoepen.

Ook de ligging van de moestuin is erg belangrijk, met een aantal dingen moet je zeker rekening houden.
Je kruiden & planten hebben voldoende zonlicht nodig, voldoende is zo’n 6 tot 8 uur per dag. Zoek daarom een plekje uit, waar niet te veel bomen en struiken in de buurt liggen. Voordat je het weet ligt de bak in de schaduw.
Droge voeten voor je moestuinplanten, ook van groot belang. Kies een plek waar niet te veel water blijft staan; dit is niet goed voor de planten, maar je wilt ook zelf graag droge voeten houden.

Hoe maak ik een mini-moestuin?

herbs_vegetable_cocopeat_0067b_ma_13_0.jpg

Een mini-moestuin kun je maken in manden, potten of in moestuinbakken. Het makkelijkste is nog altijd de vierkante meter moestuin, de verschillende vakjes zorgen voor een duidelijk overzicht. Dit helpt je bij het plannen, zaaien en oogsten.

Kijk bij een tuincentrum, de tuinvakhandel of doe-het-zelf zaak naar een houten of een wilgentenen moestuinbak. De handige klusser maakt hem natuurlijk helemaal zelf! Op internet zijn er genoeg beschrijvingen te vinden.

Wat heb je nodig om deze bakken in elkaar te zetten?
Eigenlijk alleen een schroefmachine of een boormachine, om de zijplanken in elkaar te schroeven. En natuurlijk een hamer voor het in elkaar spijkeren van het binnenwerk om de vakken te maken. Leuk en dankbaar werk om zelf te maken. 

Hoe vul ik mijn mini-moestuin?

Vul de mini-moestuin met een goede potgrond, zoals bijvoorbeeld Plantaarde. Gewone tuingrond is meestal niet echt handig omdat de structuur en grondsoort niet echt optimaal zijn. Vul daarom eerst met Plantaarde en daarna de bovenste laag met Potgrond Moestuin.

De hoeveelheid potgrond is natuurlijk afhankelijk van de grootte en diepte van je mini-moestuin. Hieronder een meettabel voor een vierkante meter moestuin.

Afmetingen

Plantaarde 40 L

Potgrond Moestuin 40 L

1 m x 1 m (20 centimeter hoog)

70 liter nodig; ca. 2 zakken

4 zakken van 40 L, dus 160 liter nodig

1,2 m x 1,2 m (40 centimeter hoog)

350 liter nodig; ca. 9 zakken

4 zakken van 40 L, dus 160 liter nodig

Klim-constructie

Het is gemakkelijk, als je aan je vierkante meter moestuin snel een verticale constructie kan maken. Goed voor planten zoals tomaten, courgettes, bonen en bessen.

Een stevig frame voor het omhoog laten groeien van verschillende moestuinplanten kun je zelf maken. Bijvoorbeeld frames van houten latjes, bamboestokken of metaal.
Tip; gebruik een buis met een doorsnede van 12 mm. Deze zijn stevig, niet al te duur en gaan vaak langer mee. De hoeken van de buizen kun je aan elkaar koppelen door middel van snelkoppelingen.

De klimconstructie moet voor bepaalde planten behoorlijk hoog zijn. Tomaten, pompoenen, stokbonen en meloenen hebben een frame van ongeveer 2 meter hoog nodig. De constructie moet ook stevig staan, dus het frame moet minimaal 50 centimeter de grond in of goed vastgeschroefd zitten.

Erwten en courgettes hebben aan een klimconstructie van 1,50 m wel voldoende. In een doe-het-zelf zaak kun je vragen of zij de buizen voor je op maat willen snijden. Voor een klimconstructie van 2 m, heb je twee buizen nodig van 2 m, een buis van 1,20 m (als de bak 1,20 x 1,20 is) en twee snelkoppelingen.

Een aantal groenten zoals: stokbonen heeft geen frame nodig, maar wordt toch te hoog om volledig op eigen stengels te staan.  In de gewone moestuin worden vaak wilgentenen of andere dunne taken gebruikt om dit soort groenten te ondersteunen. Om dit zelf te maken, maak je gebruik van een U-vormig frame van kippengaas dat over de vakken heen wordt geplaatst.  Zo worden de zaden meteen ook beschermd tegen gulzige vogels.

Bij vierkante meter moestuinbakken kun je altijd gemakkelijk gebruik maken van de vierkante afmetingen. Hier zijn een groot aantal constructies op te verzinnen. Denk hierbij aan:

  • Een frame met folie in het voorjaar om de aarde op te warmen of juist in het najaar om tegen nachtvorst te beschermen.
  • Een schaduwframe voor hartje zomer om verbranding te vermijden.
  • Kippengaas om uw gewas tegen vogels en konijnen te beschermen.
  • Een frame met vliesdoek ter bescherming tegen het koolwitje en andere insecten, die ongewenst zijn.
Zaaien

Bij een normale moestuin zaai je in rijen, bij de vierkante meter tuin zaai je in kleine vierkantjes. Binnen deze vierkanten zaai je de afstand die je normaal in rijen zaait. 
De juiste zaaiafstand staat vaak wel op het zakje vermeld, de afstand is geheel afhankelijk van de soort groenten of kruiden.

Voor de gehele vierkante meter tuin kun je denken aan de volgende beplanting:
Vak 1:  4 peterselie planten
Vak 2:  16 rucola sla planten
Vak 3:  4 spinaziezuring
Vak 4:  3 rode eikenbladsla
Vak 5:  een leeg, net geoogst vak in het midden
Vak 6:  16 uien
Vak 7:  1 aardbeiplantje
Vak 8:  4 paksoi (koolsoort)
Vak 9:  16 afrikaantjes
 

Tips

  1. Begin eerst met het los maken van de grond, bij Cocopeat is dit niet nodig, want die heeft van zichzelf al een luchtige structuur.
  2. Daarna bepaal je de juiste afstand waarop je gaat zaaien.
  3. Prik met een vinger een gaatje in de grond. Stop hier één of een aantal zaadjes in. Dit is geheel afhankelijk van de soort.
  4. Vervolgens druk je het gaatje weer dicht en geef je voldoende water aan het pas ingezaaide zaadje.
Zaaidiepte

Een zaadje moet ongeveer twee keer zo diep liggen als zijn grootte. Een boon moet dan dieper liggen als een zaadje voor sla. Op de verpakking staat altijd de zaaidiepte vermeld.

Ontkiemen

Niet elke soort zaad doet er even snel over om te ontkiemen. Eerst ontwikkelt het zaadje een wortel waarna de kiem z’n kopje boven de grond uitsteekt. Wanneer je boven de grond niks ziet gebeuren, wil het niet zeggen dat er ook niets in de grond gebeurt. Houd de grond altijd vochtig!

Zoekveld