Menu

Negatieve energiebalans

Rond het afkalven kunnen koeien in een negatieve energiebalans terecht komen. Benieuwd wat dit inhoudt, hoe een negatieve energiebalans ontstaat en wat eraan gedaan kan worden?

Meerdere oorzaken

Een negatieve energiebalans rond het afkalven bij koeien kan meerdere oorzaken hebben. In de laatste periode voor het afkalven kan het kalf door de groei op de pens drukken. Wanneer ook de biestproductie op gang komt, kan een koe hierdoor niet genoeg voeding opnemen. Juist omdat de behoefte aan energie en eiwitten de laatste weken voor het afkalven toeneemt, is het belangrijk dat een drachtige koe genoeg voeding binnenkrijgt en opneemt. Na het afkalven kan de opname van te weinig voer ten opzichte van de hoeveelheid geproduceerde melk de oorzaak zijn van een negatieve energiebalans.

Effect negatieve energiebalans

Een koe spreekt tijdens een negatieve energiebalans haar lichaamsreserves aan om aan de verhoogde behoefte aan energie en eiwitten te voldoen. Hierbij wordt (veel) lichaamsvet afgebroken, wat er voor zorgt dat de koe minder eetlust heeft en minder voeding opneemt, zich slechter voelt, een groter energietekort heeft en zich daardoor slechter voelt. De afbraak van deze vetten, wat de vetmobilisatie wordt genoemd, zorgt voor een extra belasting van de lever. Hierdoor kunnen problemen met de stofwisseling ontstaan, omdat de lever de vetzuren die uit het vetweefsel gemobiliseerd niet in deze hoeveelheid kan verwerken.

Negatieve energiebalans voorkomen

Door in de laatste weken voor het afkalven en de eerste weken tijdens de lactatie de ruwvoeropname te stimuleren, kan een negatieve energiebalans voorkomen worden. Een rantsoen dat in de smaak valt en veel energie bevat is hierbij aan te raden. Het lichaam breekt minder reserves aan als de glucosespiegel in het bloed stijgt en zorgt tegelijkertijd voor een goede melkproductie. Om deze reden is zetmeel een goede bron van energie.

Slepende melkziekte (ketose)

Een koe met een negatieve energiebalans loopt een groter risico om klinische of subklinische ketose te krijgen. Ketose is een stofwisselingsziekte die ontstaat doordat koeien na het afkalven te weinig voeding opnemen, ten opzichte van de hoeveelheid melk die ze produceren. Kort gezegd heeft de koe een grotere behoefte aan energie dan dat opgenomen kan worden. Hierdoor breekt de koe haar eigen lichaamsvet af, waarbij ketonen ontstaan. Bij kleine hoeveelheden ketonen kan het lichaam deze afvalstoffen verwerken, maar bij extreme energietekorten lukt het verwerken hiervan niet meer en is ketose het gevolg. De gezondheid, productiviteit, opname van droge stof en vruchtbaarheid van een lacterende koe ondervinden nadelige gevolgen door ketose. Lees hier meer over slepende melkziekte.